zijbalk5.jpg

Bergeijk. Er was een tijd dat de begraafplaatsen in onze streek gekenmerkt werden door een treurig makende eenvormigheid. ’In de dood zijn wij allen gelijk,’ was de leuze en derhalve werd een uniform kruis maar voor allen verplicht gesteld. Het streven naar individualiteit en tegelijkertijd de sterk toegenomen secularisatie heeft ruimte geschapen voor nieuwe vormen om zich een dierbare overledene te blijven herinneren. Walle Nauta heeft zich ten doel gesteld om veel meer expressie mogelijk te maken bij grafmonumenten. Zijn concept en de ontwerpen die daaruit voortvloeien hebben gezorgd voor een nominatie voor de ‘International Funeral Award’. Een reden om eens met hem te gaan praten over design in het algemeen en bij grafmonumenten in het bijzonder.

Door Kees van Kemenade

‘Kijk dit is een zwerfsteen met in brons de eigen naam van een overledene. Zijn naam “Guus” schreef hij op zijn eigen individuele wijze. Die hebben wij met de computer gescand en uitvergroot en aangebracht op de steen. Het liefst zou ik dan zien dat het een kei was met een herinnering. Eentje die de overledene jaren geleden zelf heeft meegebracht van een vakantie en die al vele jaren in de tuin heeft gelegen. Dat geeft hem een echte toegevoegde betekenis.’

De zwerfkei met het authentieke handschrift is maar een van de vele ideeën die de industrieel ontwerper heeft bedacht om een begrafenisplek nog meer de functie te geven die hij dient te hebben: een zichtbaar contact met de dierbare overledene.

Walle Nauta ontwerpt grafmonumenten volgens de persoonlijke smaak van de overledene en zijn familie.

Een handgeschreven naam

‘Een grafmonument moet helpen om herinneringen op te roepen aan een geliefd iemand die er nu niet meer is. Je blijft er letterlijk even bij stilstaan.’ Ondertussen toont hij een ander ontwerp; een bronzen boomtak waarin de handgeschreven naam is meegegoten. ‘Dit is een afgietsel van een mooi gevormde houten stam. Er is plaats op om een hele zin die een overledene misschien vaak placht te zeggen op aan te brengen.’

Brons gaat natuurlijk heel lang mee, maar wat mij betreft hoeft dat helemaal niet. Ik kan ook met hout werken. Dat is vergankelijk, net als het stoffelijk overschot dat begraven ligt. Ik vind die symboliek heel treffend. Maar ook steen, marmer, of zelfs glas en zelfs het brons gaan langzaam deel uitmaken van de natuur. Wat mij betreft moet je ze niet schoonmaken, maar langzaam met mos te laten overgroeien. Daarom ben ik ook zo blij met een contact met een natuurbegraafplaats, want daar komen mijn ontwerpen mooi tot hun recht.’

Walle Nauta en zijn bedrijf NautaBene hebben al de nodige erkenning gekregen voor hun ontwerpen. Uitvaartvereniging DELA heeft hen uitgenodigd om de ontwerpen voor hun leden ter beschikking te stellen en recent zijn zij genomineerd voor de International Funeral Award, een prijs die de internationale uitvaartbranche jaarlijks uitreikt.

Een staf in de grond

‘Design betekent gewoon “ontworpen”, maar dan als een uniek exemplaar of hoogstens in een kleine serie. Dat kun je doen met meubels, sieraden, kleding, …… maar waarom dan ook niet met grafmonumenten. Ik kwam op dat idee bij het overlijden van een familielid van mijn echtgenote en partner in het bedrijf Annet. De vraag kwam toen wat wij zouden doen met het grafmonument voor op het familiegraf. Als ik een graf voor mijn eigen vader zou moeten ontwerpen, wat zou het dan worden? Door die gedachte liet ik mij leiden. Er kwam een ontwerp uit: een soort staf van roestvrij staal, als een wandelstok die je in de grond steekt. Tot hier en niet verder!

Dat ontwerp werd uitgevoerd en geplaatst, tot grote tevredenheid van de familie. Er gaat rust en stilte van uit, maar ook aanvaarding. Het geeft de tijdelijkheid weer; de verlieservaring van de nabestaanden.’

Toen Walle Nauta eenmaal zijn eerste grafmonument had ontworpen en daar met veel voldoening uit had geput, wilde hij verder gaan met deze nieuw ontdekte tak van de design. Tot voor enkele generaties was er maar heel weinig keus aan grafmonumenten: een kruis of een platte steen en zelfs de opschriften leken beperkt tot enkele Latijnse afkortingen of korte Nederlandse zinnetjes. Het feit dat steeds meer mensen het geloof achter zich hebben gelaten, of niet meer zo hechten aan religieuze symbolen op hun graf, opent de weg naar een groot aantal expressiemogelijkheden voor hun laatste rustplaats. Eigenlijk is bijna alles mogelijk, al blijft Walle Nauta verre van platte kitsch om zich een overledene te blijven herinneren.

Meedenken met de familie

‘Ieder ontwerp is mogelijk. Wij willen meedenken met wat de mensen willen,’legt Walle Nauta uit. ‘Het gaat er niet om dat ik mijn ontwerp op het graf geplaatst wil hebben, maar dat ik aan de slag ga nadat ik gehoord heb wat men wil. Soms heeft men duidelijk omschreven ideeën, maar heel vaak erg vage, nauwelijks concrete gedachten. “Het moet wel natuurlijk zijn,” bijvoorbeeld en dat geeft mij dan de mogelijkheid om te gaan ontwerpen. Dat doe ik hier achter mijn tekentafel. Het resultaat is dan dat na enkele maanden, wanneer de plek gereed is voor de plaatsing van het grafmonument, er een authentiek monument is, waarbij ik mij in de materiaalkeuze heb beperkt tot de meest natuurlijke materialen.’

Steeds meer mensen kiezen tegenwoordig voor crematie en dat heeft de ontwerper op de gedachten gebracht om ook iets met de urnen te doen. ‘De mensen halen een standaard urn af, maar willen een bijzondere met ook hier weer zijn of haar naam en duidelijk er op aangebracht. Passend als hij daarna wordt geplaatst in de columbarium .’

In alles zit vormgeving

Industrieel ontwerper Nauta kreeg zijn opleiding aan de Technische Universiteit van Delft. Aanvankelijk wilde hij beeldhouwer worden , maar hij koos toch voor een andere richting. Via een lange omweg kwam hij terecht in de funeraire cultuur, waarin hij nu furore maakt.

‘Vormgeven trok mij heel erg aan. Creatief bezig zijn met zowel je hoofd als met je handen is het mooiste dat er is. Design is er overal, van een theelepeltje tot een automobiel. Ik koos bij mijn studie voor de constructieve richting, die nadenkt over hoe je iets maakt. Sterk en toch goedkoop met de modernste fabricagetechnieken. Ik heb lang gewerkt in de auto-industrie; het ontwerpen van onderdelen vooral in het interieur. Je moet dan denken aan bijvoorbeeld een dashboard. Maar de opdrachtgever heeft dan al heel veel bepaald en dat moet je uitvoeren. Er zijn dan heel strikte grenzen aan je creativiteit. Omdat ik er mijn ei niet meer kwijt kon, besloot ik in 1999 voor mijzelf te beginnen als vormgever. Het resultaat is mijn bedrijf NautaBene.’

De hoofdactiviteit van zijn onderneming is nog steeds het ontwerp van meubels. Dat hij daarbij geen enkele opdracht uit de weg gaat bewijst een liturgisch project voor basisgemeenschap De Hooge Berkt in Bergeijk. ‘Ik maakte voor die gemeenschap een geïntegreerd ontwerp van altaar, lezenaar en kandelaar, alles op één stalen grondplaat. Het breken van het brood, het lezen van het Woord en het ontsteken van het licht, als onderdelen van één enkele ceremonie. Pas later bleek het ontwerp van boven de vorm te hebben van een vis.’

Alles in eigen beheer

Het liturgische ontwerp voor de Hooge Berkt is uitgevoerd in een ongewone combinatie van staal en esdoornhout. Walle Nauta is namelijk bijzonder geboeid door de gebruiksmogelijkheden van materialen, of het nou geijkte als marmer, graniet of glas betreft, dan wel MDF, of zelfs een composietmateriaal van gerecycled kunsstof. Vermalen en onder hitte samengeperst tot platen geeft dat weer nieuwe mogelijkheden.

‘Maar alles wordt in de eigen omgeving en onder mijn eigen beheer gefabriceerd. Ik werk niet met grote aantallen, al heeft dat natuurlijk zijn effect op de kostprijs. Mijn klanten waarderen de uniciteit van het ontwerp. Een klein bedrijf hier in de Kempen werkt het beste, zeker wat de communicatie betreft. Ik kan dan het hele productieproces bewaken, eventueel nog aanpassen aan de wensen van de klanten en krijg precies wat ik wil. Dat geldt net zo goed voor meubels als voor grafmonumenten.’

Hoe men ontwerpt? Dat is misschien wel de moeilijkste vraag die men een designer kan stellen.

‘In ieder geval is het maar tien procent inspiratie, de rest – negentig procent – is eindeloos modelletjes maken en die weer afkeuren. Transpiratie dus!’

Annet Nauta weet na al die jaren wel ongeveer hoe haar Walle te werk gaat.

‘Hij houdt van strak en sober, zodat er rust van uitgaat. Tijdloze ontwerpen dus, maar ook verrassend. Kijk, zoals bij het frame van deze door hemzelf ontworpen tafel. Scheve lijnen waar je rechte verwacht. Die bijzondere aanpak krijgen ook de klanten waarvoor wij een grafmonument ontwerpen.’